Redactie Maandag 13 mei 2019

BIMPraat: FMBIM volop in ontwikkeling voor FM

De BIMPraat over FMBIM had in zijn uitvoering veel weg van een rondetafelbijeenkomst gezien het aantal deelnemers. Het leverde diepgang en felle discussies op, die volgens deelnemers bijzonder waardevol bleken. Het werd duidelijk dat er nog veel is te doen.

Verslag BIMPraat, door Ed den Boer

We kennen FMIS als Facilitair Management Informatie Systeem. FMBIM is een nieuwe term en staat voor Facilitair Management Bouwinformatie Management en is net als FMIS een informatiesysteem voor de facilitair manager. FMBIM is echter gekoppeld aan een BIM, de naam zegt het al. Deze specifieke benaming werd tijdens de BIMPraat van verleden week toegelicht waarbij duidelijk werd dat de rol van een facilitair manager bijzonder uitgebreid en veelomvattend is.

De facilitair manager is verantwoordelijk voor het organiseren, coördineren en (laten) uitvoeren van een groot aantal processen die gedurende de gebruiksfase van een gebouw gepland en/of ongepland (bij directe defecten) nodig zijn. Hierbij komen zowel technische zaken kijken zoals verbouwingen en onderhoud van het gebouw, als niet-technische zaken waaronder het coördineren en controleren van meubilair op aanwezigheid, beveiliging, vergaderzaalbeheer als ruimtebeheer. Planon, Topdesk, Spacewell en Ultimo zijn bekende FMIS-software.

Huidige stand

Directeur Fred Kloet van Smart WorkPlace was de spreker tijdens deze BIMPraat over FMBIM. Kloet is zelf facilitair manager en is overtuigd dat het beter kan. Hij is betrokken bij allerlei initiatieven om Facilitair Management beter te organiseren. Daarvan is de koppeling van een FMIS aan een BIM een grote wens. De eerste stappen zijn de afgelopen jaren gezet. De ontwikkeling van een FMBIM Protocol staat voor de deur.

De discussie ging over de kloof tussen wat technisch in een BIM staat tijdens de ontwerp- en bouwfase en wat er nodig is in een FMBIM gedurende de gebruiksfase van een gebouw. Hier zijn de verschillende disciplines nog (lang) niet over uit.

BIM-BAM-BOOM

Kloet is overtuigd van de voordelen van FMBIM. “Er wordt hoog ingezet op de digitalisering van FM door verschillende organisaties waaronder Rijksvastgoedbedrijf, Schiphol Group, ProRail en verschillende vastgoedbeheerders”, vertelt Kloet. “De hoeveelheid geld die is gemoeid met de exploitatie van een gebouw gedurende een periode van 30 tot 40 jaar na oplevering bedraagt 60- tot 100-voudige in vergelijking met de ontwerpkosten en drie tot vijf keer in vergelijking met de bouwkosten. De verwachting is verder dat de besparing die kan worden behaald door een beter ingericht gebruiksproces gekoppeld aan een BIM en verdergaande digitalisatie tussen de 20 tot 40 procent per jaar kan liggen. Minimaal 75 euro per jaar per vierkante meter VVO. Er is dus veel te winnen.”

Hergebruik

De combinatie van BIM en FM is mogelijk. zei deelnemer Eelco de Bruijn van Planon tijdens de BIMPraat. “Maar is het wel wenselijk? Wij hebben nu met hulp van Cadac een koppeling mogelijk gemaakt met BIM-modellen in Revit en ons eigen Planon FMIS-systeem. De bruikbare input vanuit BIM die we direct kunnen gebruiken is nog gering en dat komt ook omdat aanvullende informatie vanuit FM zeer specifiek is en gewoonweg nog niet in het BIM is opgenomen. Vanuit Planon wordt het gebruikte BIM-model volledig gestript zodat alleen de bruikbare data voor FM wordt behouden. Na deze exercitie wordt het BIM niet meer gebruikt tot het moment van een verbouwing”, aldus De Bruijn. Het probleem van slechte informatieoverdracht is herkenbaar en kost veel geld en tijd.

Eén waarheid

Bruno Bartelds van Het BIM Instituut vroeg zich hardop af wie revisies bijhoudt. “En hoe weet ik nu of de deur of wand de juiste kleur heeft, wanneer die bijvoorbeeld is geschilderd`, aldus Bartelds. “Indien dit niet in het systeem wordt bijgehouden, heb je nog niets aan het model.”

Ook daarin werd duidelijk dat het maken van revisies in het model een vaste component moet zijn in het BIM-protocol en de begroting. Op deze manier is de data snel en overzichtelijk beschikbaar.

Basis FMBIM Protocol met ILS in ontwikkeling

Kloet vertelde dat gebruik van specifieke informatie vanuit het reeds bestaande BIM mogelijk en wenselijk is. “Denk hierbij aan ruimte-informatie, gebruikte materialen in het gebouw, onderhoudsinformatie en nog veel meer. Dat moet de leverancier van de data (ontwerpende partijen, leveranciers en de aannemer) echter wel weten.”

Hij gaf ook aan dat veel (software)technische mogelijkheden nog onbenut blijven, simpelweg omdat ze niet bekend zijn. Daarbij gaat de ontwikkeling van software, ook in FM, heel snel en komen er dagelijks nieuwe mogelijkheden bij. “Het is nu bijvoorbeeld al mogelijk om een medisch technisch instrument middels een chip te lokaliseren in het gebouw. Het is de vraag of dit wenselijk en bruikbaar is. Als die vraag niet gesteld wordt, is dat misschien een gemiste kans.”

Volgens Kloet is er nog wel veel terrein te winnen. “Het is zeer belangrijk dat de ontwerpende en bouwende disciplines begrijpen wat wij als FM-ers voor het gebruik van de te leveren gebouwde omgeving nodig hebben. De data die wij moeten gaan gebruiken zal dan ook in het BIM-model moeten worden gestopt. Zodat die voor ons leesbaar is en we het kunnen gebruiken in ons FMBIM.” Om die reden heeft volgens Kloet door FMN, de vereniging van FM, aansluiting gezocht bij het BIM-Loket dat bezig zijn met de coördinatie van de ontwikkeling van de BIM-Basis-ILS. “Deze ILS is gestart vanuit de behoefte van aannemers om herbruikbare data te krijgen in het BIM-model. Het doel is om alle benodigde gegevens per fase en per discipline duidelijk te omschrijven. Voor de FM-fase is een specifieke werkgroep bezig om deze benodigde informatie te omschrijven zodat het FMIS direct kan worden aangevuld met bruikbare informatie”, aldus Kloet.

Conclusies

De ontwikkelingen in verdergaande digitalisering van Facilitair Management hebben mogelijk grote besparingen van 20 tot 40 procent op de exploitatiebudgetten ten gevolg. Op dit moment wordt de invoering van nieuwe werkprocessen en software onderzocht. Hierbij zijn koppelingen van gegevens uit andere fasen (ontwerp en bouw) mogelijk. De eerste testen zijn veelbelovend. Om de juiste gegevens vanuit BIM in het FMIS te koppelen is het noodzakelijk dat bij verschillende disciplines duidelijk is welke data in het model moet zitten en waarom dit belangrijk is voor de partij die met deze data moet realiseren, beheren of gebruiken.

Met andere woorden; vraag volgens Kloet aan de volgende partij in de keten “Wat heb je van mij nodig en hoe kan ik hierbij helpen?” En zeg dus niet “Dit heb ik voor je gemaakt. Dat doe ik altijd, dus succes ermee.” Niemand vindt het leuk om iets voor niets te doen. Of erger nog; dubbel werk te doen en erachter te komen dat het weer niet klopt. Een duidelijke uitvraag levert de juiste informatie op. Hopelijk is die Basis FMBIM-protocol snel op een helder, begrijpelijk en acceptabel niveau.

 


De video BIM-BAM-BOOM van een interview met Patrick MacLeamy is al in 2010 (!) gemaakt.


Reacties

Login om reacties te kunnen lezen en een reactie te kunnen plaatsen.